Algemene voorwaarden

ALGEMENE VOORWAARDEN

1Algemene voorwaarden van aanneming van werk van JVH gaming & entertainment BV; gedeponeerd op 11 juni 2013 onder nummer 18035121, Handelsregister Kamer van Koophandel Brabant
Artikel 1. Overeenkomst
1.1. Deze voorwaarden zijn toepasselijk op iedere overeenkomst van aanneming van werk gesloten door JVH gaming & entertainment BV of een van haar dochtervennootschappen, nader te noemen opdrachtgever. De overeenkomst betreft te allen tijde een overeenkomst van aanneming van werk in de zin van Boek 7, titel 12, afdeling 1, artikel 7:750 en volgende Burgerlijk Wetboek.
Artikel 2. Het werk
2.1.Het werk omvat het door de opdrachtgever geduide project als bedoeld in de overeenkomst van aanneming van werk. Het werk dient overeenkomstig de eisen van goed en deugdelijk vakwerk en conform de in de overeenkomst van aanneming van werk opgenomen technische documenten en administratieve bepalingen binnen de overeengekomen bouwtijd en tegen de overeengekomen prijs binnen één bouwstroom te worden opgeleverd.
2.2. Voorafgaande aan het sluiten van de overeenkomst van aanneming van werk heeft aannemer de gelegenheid gehad de technische documenten door te nemen en zich eigen te maken; aannemer is verplicht haar waarschuwingsverplichting uit hoofde van artikel 7:754 BW integraal na te komen.
2.3.Bij de uitvoering van het werk zal aannemer zich te allen tijde houden aan alle vigerende wet- en regelgeving, daaronder, doch niet limitatief, begrepen de regels omtrent arboveilig werken, fiscale wetgeving en Wet Arbeid Vreemdelingen.
Artikel 3. Aanneemsom
3.1. Het in de overeenkomst van aanneming van werk vermelde bedrag is het lumpsumbedrag, waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen, de B.T.W. daarin niet begrepen, zonder verder aanspraak te kunnen maken op meerwerk.
3.2. De door partijen overeengekomen aanneemsom is prijsvast einde werk, zodat aannemer geen aanspraak kan maken op verrekening van een prijsstijging van welke aard dan ook.
Artikel 4. Tijd
4.1. In de overeenkomst van aanneming van werk spreken partijen projectspecifiek een contractuele startdatum af, per wanneer de aannemer een aanvang kan maken met diens werkzaamheden. Gezien het belang van opdrachtgever bij een tijdige en correcte oplevering, wordt de uitvoeringstermijn altijd uitgedrukt in een fatale datum van oplevering, bij overschrijding waarvan aannemer jegens opdrachtgever van rechtswege in staat van verzuim verkeert en opdrachtgever zonder nadere ingebrekestelling het recht heeft het projectspecifieke kortingbedrag direct te mogen verrekenen met nog openstaande facturen van aannemer. In afwijking van het Burgerlijk Wetboek treedt het bedrag aan korting bij wijze van boetebeding niet in plaats van eventueel door de opdrachtgever geleden schade. Te allen tijde behoudt opdrachtgever zich het recht voor haar schade, indien dit bedrag hoger is dan het opgelegde kortingbedrag, op aannemer te mogen verhalen.
4.2. Indien door feiten en omstandigheden, liggend binnen de risicosfeer van aannemer, vertraging in het werk ontstaat, zal dit nimmer reden zijn voor termijnverlenging. Aannemer dient in dat geval door een verhoogde inzet van arbeid, materiaal en materieel de tussen partijen overeengekomen datum van oplevering te halen, dit laatste zonder aanspraak te kunnen maken op enigerlei verhoging van de aanneemsom.
Artikel 5. Bouwdirectie
5.1. Opdrachtgever is bevoegd zich in het werk te laten vertegenwoordigen door een bouwdirectie. Het mandaat betreft alle technische zaken het werk betreffende, uitdrukkelijk hiervan uitgezonderd zijn zaken die van invloed zijn op de overeengekomen fatale termijn van oplevering alsmede alle financiële aangelegenheden van het werk; zie artikel 5.8 alsmede artikel 6 van deze voorwaarden.
5.2. De bouwdirectie oefent het toezicht uit op de uitvoering van het werk en op de naleving van de overeenkomst.
5.3. De bouwdirectie is bevoegd te bepalen dat door haar aan te duiden werkzaamheden niet mogen worden uitgevoerd dan in tegenwoordigheid van de bouwdirectie of van een door haar aangewezen persoon.
5.4. De bouw directie is bevoegd tijdens de uitvoering van het werk orders en aanwijzingen te verstrekken, die door de aannemer stipt moeten worden opgevolgd.
5.5. Tenzij schriftelijk anders is overeengekomen, geschiedt de coördinatie van de in elkander grijpende disciplines door de bouwdirectie. Het is aan de bouwdirectie zogenaamde coördinatievergaderingen te houden, waarbij de aannemer verplicht is hieraan deel te nemen.
5.6. Zo vaak en zo wenselijk als door het werk gevorderd, belegt de bouwdirectie in samenspraak met de aannemer
2
bouwvergaderingen, waarin onder andere aan de orde kunnen komen: de vordering en de stand van het werk; eventuele verstrekking van tekeningen; voorvallen betreffende de veiligheid en/of gezondheid van personen; opneming en goedkeuring van het werk; administratieve zaken. Van iedere vergadering worden door de bouwdirectie notulen gemaakt die ter ondertekening aan aannemer zullen worden voorgelegd. Voor het geval aannemer het met een of meerdere punten niet eens is, zal ook dan het verslag door haar worden ondertekend, echter onder de toevoeging van haar bezwaar.
5.7. De bouwdirectie heeft de bevoegdheid het werk van aannemer te schorsen dan wel stil te leggen, bij een vermoeden van onvoldoend werk. Alsdan dient de aannemer binnen een door de bouwdirectie te stellen redelijke termijn alsnog aan haar verplichtingen te voldoen, zonder dat aannemer recht heeft op termijnverlenging dan wel een verhoging van de aanneemsom.
5.8. Als en voor zover de aard van de werkzaamheden daartoe aanleiding geven, mag de aannemer pas dan tot een wijziging van de overeenkomst overgaan, indien zij daartoe van de gemachtigde van de opdrachtgever een schriftelijke opdracht heeft gekregen en voorts met inachtneming van het bepaalde van artikel 6 handelend over wijzigingen.
5.9. De aard van de bouwdirectiewerkzaamheden brengt met zich dat gedurende de uitvoering van het werk geen permanent nauwlettend technisch toezicht kan plaatsvinden. De waarnemingen van de betreffende bouwdirectie zijn steeds momentopnames. Te allen tijde blijft aannemer verantwoordelijk voor haar resultaatsverplichting en kan zij nimmer een gebrek of manco jegens opdrachtgever tegenwerpen als zijnde het gevolg van de wijze waarop projectspecifiek bouwdirectie werd gevoerd. Het bouwdirectie voeren als zodanig levert voor opdrachtgever dan ook nimmer een medeschuld op als bedoeld in de wet.
5.10. De aannemer kan bepaalde onderdelen van het werk in onderaanneming laten uitvoeren, mits voor de keuze van deze onderdelen en van de daarvoor in te schakelen onderaannemers de schriftelijke goedkeuring van de bouwdirectie is verkregen. De aannemer blijft niettemin jegens de opdrachtgever voor die onderdelen ten volle verantwoordelijk. Bij inschakeling van derden dient aannemer op eerste verzoek van de directie identiteitsbewijzen en NAW gegevens van de door haar in te schakelen onderaannemers te overleggen. Tevens zal aannemer op eerste verzoek van de bouwdirectie een verklaring van goed betalingsgedrag van haarzelf danwel haar onderaannemers overleggen.
Artikel 6. Wijzigingen
6.1.Voorafgaande aan het ondertekenen van de overeenkomst van aanneming van werk heeft aannemer de locatie waarop het werk uitgevoerd gaat worden kunnen schouwen en heeft hij gelegenheid gehad vragen te stellen. Aannemer heeft kennis genomen van de bij het contract gevoegde technische documenten. Op basis hiervan zijn partijen een lumpsumprijs overeengekomen, de B.T.W. daarvan uitgezonderd.
6.2.In beginsel wordt de scope van de aannemingsovereenkomst niet gewijzigd. Het vorenstaande lijdt slechts uitzondering indien een wijziging schriftelijk door de gemachtigde van de opdrachtgever wordt opgedragen. Een opgedragen wijziging zal nimmer leiden tot een gewijzigde datum van oplevering, tenzij schriftelijk door de gemachtigde van de opdrachtgever is bevestigd.
6.3. Bij een door de gemachtigde van de opdrachtgever opgedragen wijziging, wordt getracht zo spoedig mogelijk de prijsconsequentie voor opdrachtgever inzichtelijk te maken, zodat zij in staat wordt gesteld de wijziging in te trekken, het werk te vereenvoudigen of te beperken, dan wel een andere wijziging door te voeren.
Artikel 7. Oplevering
7.1. Als en zodra de aannemer meent dat het werk op enig tijdstip gereed is voor opneming, dient aannemer dit tijdig en schriftelijk aan de bouwdirectie te melden, en wel op dusdanig tijdstip dat een opneming kan worden ingepland.
7.2. De bouwdirectie kan de aannemer verzoeken bij de opneming aanwezig te zijn teneinde vragen te beantwoorden dan wel verduidelijking te geven.
7.3. Op de datum van opneming zal de bouwdirectie beoordelen of de aannemer voldaan heeft aan de specifieke technische specificaties als overeengekomen. Het resultaat van de opneming wordt opgetekend in een proces-verbaal van oplevering, dat door zowel bouwdirectie als ook aannemer ondertekend dient te worden.
7.4. Ter beoordeling van de bouwdirectie zullen kleine gebreken die relatief snel en eenvoudig zijn op te lossen geen reden zijn tot onthouding van goedkeuring. Deze gebreken worden op het proces-verbaal van oplevering gemeld en zullen binnen een door de bouwdirectie te stellen termijn alsnog worden verholpen.
7.5. Voor het geval aannemer niet aan zijn verplichtingen uit hoofde van de overeenkomst van aanneming van werk heeft voldaan en opdrachtgever de betreffende locatie niet tijdig in gebruik kan nemen als gevolg van de technische onvolkomenheden in het werk van de aannemer, is het werk niet goedgekeurd en derhalve niet opgeleverd.
3
Alsdan verbeurt aannemer het kortingbedrag als vermeld in de overeenkomst en is zij op basis van artikel 4.1 van deze voorwaarden gehouden de daadwerkelijk door opdrachtgever te lijden schade te vergoeden.
7.6. Voor het geval het werk na opneming niet wordt goedgekeurd en niet wordt opgeleverd, treedt de procedure van artikel 7.1 van deze voorwaarden in werking, met dien verstande dat alsdan sprake is van een heropneming.
7.7. Wordt het werk wel goedgekeurd – al dan niet onder opmerking van een aantal kleine gebreken in de zin van artikel 7.4 van deze voorwaarden – dan is het werk opgeleverd en treden de rechtsgevolgen van artikel 8 (aansprakelijkheid voor gebreken na datum oplevering), artikel 9 (onderhoudstermijn) alsmede artikel 10 (garantietermijn) in werking.
Artikel 8. Aansprakelijkheid voor gebreken
8.1. Uit het ondertekende proces-verbaal van oplevering als bedoeld in artikel 7 van deze voorwaarden, blijkt de datum van oplevering van het werk. In afwijking van artikel 7:761 lid 2 Burgerlijk Wetboek is de aannemer aansprakelijk gedurende een termijn van vijf jaar na datum van oplevering.
8.2. Binnen de genoemde termijn van lid 1 van dit artikel is het bepaalde van artikel 9 (onderhoudstermijn) alsmede artikel 10 (garantietermijn) tevens toepasselijk indien en voor zover in de overeenkomst van aanneming van werk zijn overeengekomen.
Artikel 9. Onderhoudstermijn
9.1. Indien tussen partijen een onderhoudstermijn is overeengekomen, is de duur, uitgedrukt in maanden, binnen de overeenkomst van aanneming van werk aangegeven. De tussen partijen overeengekomen onderhoudstermijn gaat onmiddellijk in na de dag waarop het werk overeenkomstig het bepaalde van artikel 7 werd opgeleverd.
9.2. De aannemer is gehouden gebreken die in de onderhoudstermijn aan de dag treden, om niet te herstellen. Onder de in dit lid bedoelde gebreken vallen niet die gebreken die het gevolg zijn van onjuist of onzorgvuldig gebruik, dan wel gekwalificeerd kunnen worden als normaal te verwachten slijtage als gevolg van het feitelijk gebruik.
9.3. Na afloop van de onderhoudstermijn zal het werk wederom worden opgenomen om te constateren of de aannemer aan zijn verplichtingen heeft voldaan, waarbij wordt gehandeld overeenkomstig artikel 7.1 van deze algemene voorwaarden.
9.4. Aan het einde van de onderhoudstermijn zal de bankgarantie als omschreven in de overeenkomst van aanneming van werk, en verder uitgewerkt binnen artikel 11 van deze voorwaarden, worden geretourneerd.
Artikel 10. Garantie
10.1. Als en voor zover tussen opdrachtgever en aannemer een garantie is overeengekomen, worden de duur en de specifieke onderdelen beschreven in de overeenkomst van aanneming van werk.
10.2. De overeengekomen garantietermijn gaat onmiddellijk in na de dag waarop het werk overeenkomstig het bepaalde in artikel 7 van deze algemene voorwaarden werd opgeleverd.
10.3. Indien in de overeenkomst van aanneming van werk is vermeld dat een of meer onderdelen van het werk moeten worden gegarandeerd, zal de aannemer op eerste aanzegging van de opdrachtgever zo spoedig mogelijk de tijdens de garantieperiode optredende gebreken voor zijn rekening herstellen.
10.4. De uitvoering van de betreffende garantiewerkzaamheden zal in samenspraak met opdrachtgever plaatsvinden en op tijdstippen die voor opdrachtgever het minst bezwarend zijn. Betrekkelijk tot de garantiewerkzaamheden kan de aannemer nimmer enig recht op financiële vergoeding doen gelden.
10.5. Een overeengekomen garantie is nimmer aflopend en omvat te allen tijde uitbouw-, inbouwwerkzaamheden waaronder, doch niet daartoe beperkt, de inzet van arbeid, materieel en materiaal, alsmede de aan- en afvoer van bouwstoffen.
10.6. Bij reparatie door de aannemer van een gebrek vallend onder de garantie, zal voor het specifieke herstelde gebrek een nieuwe garantietermijn ingaan, die qua duur gelijk is als in de overeenkomst van aanneming van werk met betrekking tot het betreffende onderdeel omschreven is.
Artikel 11. Zekerheid
11.1. In de aannemingsovereenkomst kunnen partijen opteren dat aannemer financiële zekerheid stelt voor de nakoming van zijn verplichtingen voortvloeiende uit de aannemingsovereenkomst in de vorm van een bankgarantie.
11.2. De zekerheid blijft van kracht tot het tijdstip waarop het werk als opgeleverd wordt beschouwd in de zin van artikel 7 van deze algemene voorwaarden. Indien echter in de overeenkomst van aanneming van werk een onderhoudstermijn is overeengekomen, blijft de zekerheid van kracht tot overeenkomstig artikel 9.3 van deze
4
algemene voorwaarden is geconstateerd dat de aannemer aan haar verplichtingen heeft voldaan.
Artikel 12. Verzekeringen
12.1. Als in de overeenkomst van aanneming van werk is bepaald dat de CAR-verzekering door de aannemer dient te worden afgesloten, dient zij een verzekering aan te gaan waarin de opdrachtgever en de bouwdirectie als medeverzekerden zijn opgenomen, een en ander voor zover dit naar de aard en de omvang van het werk nodig en gebruikelijk is. De aannemer zorgt ervoor dat de bouwdirectie ten spoedigste een schriftelijk bewijs van het bestaan en de inhoud van vorenbedoelde verzekering ontvangt, middels het overleggen van de betreffende polis en polisvoorwaarden.
12.2. De door de aannemer af te sluiten verzekering dient te allen tijde primair te zijn en de eigendommen van opdrachtgever te verzekeren tegen schade, geheel of gedeeltelijk tenietgaan als gevolg van brand, ontploffing, vandalisme, diefstal.
12.3. In geval van schade is aannemer verplicht onmiddellijk en per direct zowel bouwdirectie als verzekeraar schriftelijk van een en ander in kennis te stellen. Aannemer dient al die maatregelen te treffen ter voorkoming van gevolgschade.
12.4. In de afgesloten verzekeringspolis dient een clausule te zijn opgenomen dat in geval van schade de verzekeringsmaatschappij direct aan opdrachtgever de schadepenningen zal uitkeren.
Artikel 13. Betaling
13.1. In onderling overleg en overeenkomstig de stand van het werk zal de gemachtigde van opdrachtgever met aannemer een kasritmeschema afspreken. Hierbij komt ook aan de orde welke formaliteiten betrekkelijk tot de facturatie door aannemer in acht moeten worden genomen.
13.2. Opdrachtgever zal door haar goedgekeurde facturen binnen 30 dagen na ontvangst overboeken op een door aannemer op te geven bank-/girorekeningnummer.
13.3. Naast de in de overeenkomst van aanneming van werk genoemde mogelijkheid een bankgarantie overeen te komen, kan de opdrachtgever opteren een in de overeenkomst overeen te komen percentage deel uitmakende van de aanneemsom eerst dan te betalen bij het einde van de onderhoudstermijn. Over dit bedrag wordt geen rente vergoed; opeisbaarheid ontstaat eerst na een afronding van de onderhoudstermijn als bedoeld in artikel 9.3 van deze algemene voorwaarden.
13.4. Voor het geval de gemachtigde van de opdrachtgever bezwaar maakt tegen specifieke onderdelen van een ontvangen factuur, zal dit binnen twee weken na ontvangst van die factuur worden gemeld. Een eventuele discussie omtrent de hoogte van het factuurbedrag geeft aannemer geen recht tot schorsing van de opgedragen werkzaamheden.
13.5. Aannemer doet onherroepelijk afstand van diens recht van retentie.
13.6. Aannemer staat er voor in dat door haar alle door de wet verschuldigde bedragen ingevolge premies sociale verzekering, belastingen, waaronder begrepen de B.T.W., tijdig en correct worden afgedragen. Aannemer verplicht zich dit beding door te contracteren jegens door haar aan te sturen onderaannemers, ter zake waarvan zij de schriftelijke goedkeuring van de bouwdirectie behoeft als bedoeld in artikel 5.10 van deze algemene voorwaarden.
13.7. Te allen tijde zal aannemer de opdrachtgever vrijwaren betrekkelijk tot fiscale claims in de meest ruime zin van het woord, betrekkelijk tot afdracht BTW, sociale premies van haar zelf dan wel haar onderaannemers. De vrijwaring ziet ook toe op boetes uit hoofde van Arbo-wetgeving danwel Wet Arbeid Vreemdelingen.
13.8. Op eerste verzoek is aannemer verplicht een verklaring van de fiscus dan wel haar bedrijfsvereniging te overleggen, waaruit haar betalingsgedrag blijkt.
13.9. Op eerste verzoek is aannemer verplicht inzage te verschaffen betrekkelijk tot haar financiële positie waardoor opdrachtgever zekerheid heeft dat aannemer aan haar verplichtingen zal kunnen voldoen.
Artikel 14. Overmacht
14.1. Opdrachtgever is niet aansprakelijk voor niet, niet tijdige of gebrekkige nakoming van haar verplichtingen voor zover dit het gevolg is van overmacht.
14.2. Onder overmacht wordt verstaan: een tekortkoming van opdrachtgever die haar niet kan worden toegerekend. Van een dergelijke tekortkoming is sprake indien zij niet te wijten is aan haar schuld, noch krachtens wet, rechtshandeling of in het verkeer geldende opvattingen voor haar rekening komt. Overmachtsituaties zijn onder meer: oorlog, oorlogsdreiging, staat van beleg, mobilisatie, overstroming, brand, explosies, bedrijfsbezetting, werkstaking, vorst, vervoersproblemen, nieuwe wetgeving, regelingen of besluiten van overheden, waaronder, doch niet daartoe beperkt, straat- c.q. gebiedsverboden waardoor de locatie van opdrachtgever niet bereikbaar is, het ontbreken van vereiste publiekrechtelijke toestemmingen die benodigd zijn voor het doen laten uitvoeren van de betreffende werkzaamheden.
14.3. In geval van overmacht heeft opdrachtgever het recht om naar keuze, zonder rechterlijke tussenkomst, de nakoming van de overeenkomst op te schorten tot na de overmacht, of de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te
5
ontbinden, zonder gehouden te zijn tot het betalen van enigerlei schadevergoeding. In geval van overmacht zullen partijen direct bij elkaar te rade gaan hoe en onder welke omstandigheden zij projectspecifieke maatregelen dienen te treffen.
Artikel 15. Toepasselijk recht
15.1. Alle met opdrachtgever aangegane overeenkomsten worden beheerst door het Nederlands recht.
15.2. Alle geschillen, welke ook daaronder begrepen die welke slechts door een der partijen als zodanig worden beschouwd, die naar aanleiding van een gesloten overeenkomst van aanneming van werk tussen partijen mochten ontstaan, worden, met uitsluiting van de gewone rechter, beslecht door arbitrage overeenkomstig de regelen beschreven in de reglementen en statuten van de Raad van Arbitrage voor de Bouw, zoals dat reglement luidt op het tijdstip waarop het geschil aanhangig wordt gemaakt.
15.3. Slechts ter keuze van opdrachtgever kan zij in afwijking van voornoemde leden opteren de opgemelde omschreven geschillen door de ingevolge de wet bevoegde overheidsrechter te laten beslechten.


Versie juni 2013

JVH gaming & entertainment BV
Europalaan 26, 5232 BC ‘s-Hertogenbosch